De bankensector behoort tot de slechtst presterende sector op de beurs in de afgelopen 25 jaar.
Vanmorgen stond de Datastreams bankenindex, die als zeer betrouwbaar wordt gezien, voor de eurozone op 319 punten. Terugkijkend is vast te stellen, dat eenzelfde waarde werd genoteerd op 30 Oktober 1995 en nog eerder eind December 1985. Kortom, zesentwintig jaar geleden waren de gezamenlijke banken in de eurolanden evenveel waard als op dit ogenblik.

Al die fusies, splitsingen, strategische plannen, investment banking, wegkapen van dure topbankiers, steeds hogere bonussen, exotische beleggingsproducten, etcetera zijn steeds gerechtvaardigd met hèt argument van de bankbestuurder: Aandeelhouderswaarde (voor wie in de banksector belegd).

Waar is die dan, die shareholder’s value? De banksector is niets opgeschoten, terwijl de nominale economie van de eurozone tegelijkertijd met 250% groeide. In dividend? Slechts een klein beetje; zelfs na correctie voor herbelegd dividend is het vijftien jaar geleden dat er een positief saldo was in deze sector. N.B. dit is zonder inflatie en reële economische groei.

Als verweer wordt aangedragen, dat bijna alle aandelen sinds het hoogtepunt van 2007 zijn gekelderd. Bankaandelen zijn gemiddeld echter nog maar 20% waard, waartegen andere aandelen ruim 60%. Maar in de jaren negentig weigerde geen enkele bankier zijn bonus omdat niet hìj persoonlijk zo goed presteerde, maar de economie als geheel.

De teleurstellende conclusie is, dat geen geldschieter iets heeft verdiend aan de fratsen van de banksector, behalve de bestuurders en het topkader van de banken zelf.

Natuurlijk zijn er onderlinge verschillen, maar de algehele indruk is dat een kwart eeuw ondernemen géén aandeelhouderswaarde heeft gecreëerd. Jammer van al dat toptalent. Dat had haar tijd beter kunnen besteden.