Lezing Professor Ewald Engelen 24 januari 2012

Gisteravond was de eerste van drie lezingen over de wereld van het geld in het Amphitheater op het Vrijhof van de Universiteit Twente.
Occupy was aanwezig met zeven mensen, zes van de bekende geplastificeerde A4 posters en pakweg 200 folders.
De zaal en het balkon waren goed gevuld met pakweg een/derde studenten, een/derde professoren en stafdocenten met of zonder hun eega’s, een/derde gepensioneerde notabelen en andere hoogopgeleide geïnteresseerden.

Professor Ewald Engelen van de Universiteit van Amsterdam bleek een vaardig spreker die met weinig grafieken anderhalf uur lang een donderpreek hield voor een aandachtig publiek. De professor hield zijn gehoor meermaals voor dat, terwijl iedereen in Nederland zich het afgelopen decenium bezig hield met de multiculturele problemen in de samenleving (Fortuyn, Wilders) en de identiteitsproblematiek van de Nederlander (Canon van de geschiedenis, van de literatuur, wie is de bekendste Nederlander?), er te weinig aandacht was bij politiek en publiek voor de enorme financiële veranderingen die banken, wetgevers en multinationals sluipenderwijs doorvoerden. Ook het belang van de Europese Unie kreeg veel te weinig aandacht in het openbare debat. En het toezicht faalde, werd ingekapseld, ontbrak het aan overzicht. Het Anglo-Amerikaanse model is diep doorgedrongen in de financiële wereld van heel Europa!

Het verlies is nu al groter dan tijdens de wereldwijde crisis in de jaren dertig van de vorige eeuw. Dat we daarvan hier nog niet zoveel van zien – maar in Amerika wel; werkeloosheid, huizenmarkt – toont aan hoeveel welvarender de westerse wereld de afgelopen zestig jaar was geworden [ten koste o.a. van de grondstoffen producerende landen – Marcel]

 

Schuld

Momenteel draait alles om schuld. De hele wereld heeft haar aandacht erop gericht. En dat is precies de bedoeling.

Tegenover schuld staat onderpand. Onderpand beschermt de financier tegen een lener die niet terugbetaalt. Als die lener niet terugbetaalt, vervalt het onderpand aan de financier. Al het geld dat er bestaat, is geboren als lening. Alles dat ervan gekocht is, is dus onderpand. Aangezien al het geld geboren is als lening, en er over die lening rente betaald moet worden, is er altijd meer schuld dan onderpand.

Deze situatie kan alleen blijven bestaan als de wereld aan haar verplichtingen kan blijven voldoen, en dat kan alleen als er steeds nieuw geld in de vorm van nieuwe leningen in omloop gebracht wordt. De situatie kan dus alleen blijven bestaan als de financiers die situatie bewust in stand houden door steeds nieuw geld uit te lenen. Geld dat ze uit het niets maken.

Van al dat nieuwe geld wordt weer arbeid betaald, en die arbeid levert dingen op, en die dingen zijn weer nieuw onderpand. En al dat onderpand bij elkaar vertegenwoordigt altijd minder (geld)waarde dan alle uitstaande leningen bij elkaar. Vanwege de rente.

Zo was de situatie tot op dit moment. Op het moment dat de financiers besluiten dat er met menselijke arbeid een materiële wereld gebouwd is waarover ze tevreden zijn, dan hoeven ze maar één ding te doen: stoppen met nieuw geld in omloop brengen. Dan wordt het voor de wereld onmogelijk om de schulden terug te betalen, en dan vervalt al het onderpand, en dus alles dat mensen ooit gemaakt hebben, aan de financiers. Het is werkelijk het enige dat die financiers hoeven te doen om eigenaar te worden van de wereld.

Alle bezit, dus alle huizen, alle bedrijven en alle goederen vervallen dan aan de financiers. Maar ook al het tegoed, al het spaargeld dus, wordt eigendom van de financiers. Anders gezegd: alle in het verleden verrichte arbeid, wordt eigendom van de financiers. Financiers die aan die arbeid zelf geen enkele bijdrage geleverd hebben. En aangezien iedereen gebruik moet maken van al die huizen, die bedrijven en die goederen, en omdat iedereen tevens ontdaan is van zijn tegoed, worden de financiers ook eigenaar van alle toekomstige arbeid.

De enige mogelijkheid om toegang te krijgen tot die producten en voorzieningen waarvoor we zelf gewerkt hebben, is dan werken voor de eigenaren ervan: de financiers. Dat houdt dus in dat de financiers de enige overgebleven werkgever zullen zijn. Alle bedrijven zijn dan immers hun eigendom. Zij zullen de enigen zijn met bezit. De rest van de mensheid kan alleen toegang krijgen tot dat bezit (voedsel, energie, huisvesting, kleding, etc.) door zich naar de zin van die enige werkgever te gedragen. Dat wil zeggen: zo hard werken als de werkgever wenst, en niet lastig zijn.

In die situatie zal er geen sprake meer zijn van welke schuld dan ook. Die schuld is dan afgelost door het confisqueren van alle onderpand. Schuld kan dan niet meer bestaan, simpelweg omdat alle bezit in dezelfde handen is. Bovendien: schuld als machtsmiddel is dan overbodig. Iedereen moet dan immers toch precies doen wat de eigenaren willen. En de mogelijkheid om anderen te laten doen van jij wil, is macht. Verdere middelen zijn dan dus overbodig. Het enige dat ervoor nodig is om dit scenario werkelijkheid te laten worden, is ons geloof in de legitimiteit van de schulden. En het bevestigen van dat geloof, is precies wat er op dit moment gaande is.

Het hele toneelstuk dat momenteel wordt opgevoerd, heeft die bedoeling: ons te laten geloven dat er werkelijk sprake is van schuld. En dat er, door zogenaamde ‘maatregelen’ een mogelijkheid zou bestaan om die schulden terug te dringen. Om ons geloof in de schuld kracht bij te zetten, worden er landen aangewezen die ‘schuldig’ zijn aan de schuld. Het is voor mensen altijd aantrekkelijk om een ander de ‘schuld’ te geven, en die mogelijkheid wordt dan ook met beide handen aangepakt. Er wordt echter vergeten dat daarmee het bestaan van die schuld door onszelf bevestigd wordt.

Omdat al onze arbeid gewaardeerd wordt in geld, en iedere euro die we verdienen weer bestaat uit schuld, werken we ons letterlijk steeds dieper de schuld in. Fictieve schuld, waarvan men ons wil laten geloven dat het echte schuld is. Iedere maatregel om ons harder te laten werken, en ons een groter deel van de opbrengst van die arbeid af te laten staan om de ‘economie te redden’, is een keiharde leugen. Het is rekenkundig onmogelijk om zo de (nep)schuld te verminderen. Het KAN simpelweg niet worden terugbetaald omdat het geld waarmee dat zou moeten gebeuren, ook weer uit schuld bestaat. En zo groeit de schuld, en dus de crisis, onvermijdelijk.

Binnenkort zal die ‘crisis’ zodanige vormen aannemen, dat er een ‘oplossing’ zal worden aangedragen. Die oplossing zal inhouden dat er een nieuw systeem zal worden voorgesteld waarbinnen alle schulden ophouden te bestaan. Voordat we deze oplossing juichend aanvaarden, moeten we ons realiseren dat daar tegenover zal staan dat we dan volledig eigendom zullen worden van de financiers. Het enige dat we kunnen doen om dit scenario niet tot realiteit te laten komen, is beseffen dat het om nepschuld gaat. Om kunstmatig gecreëerde schuld. Schuld die bewust gecreëerd is via een systeem dat ontworpen is om dit scenario tot stand te brengen. Het enige dat we kunnen doen, is die schuld niet langer erkennen.

Door te onderkennen dat we in een systeem geloofd hebben dat uit oplichting bleek te bestaan. Door het verlies te nemen, en te stoppen met pogen elkaar de laatste restjes geld afhandig te maken. Dat kan alleen door ons geloof in (en onze gehechtheid aan) het criminele huidige geldsysteem op te zeggen. Alleen dan kunnen we gebruik blijven maken van alle dingen die we zelf gemaakt hebben. Alleen dan kunnen wij zelf genieten van de opbrengsten van onze eigen arbeid. Het is de enige manier om te voorkomen dat we vervallen tot slaven. Door Pieter Stuurman

http://www.anarchiel.com/display/schuld

Fair Share 24 december 2011 in Enschede

 

Occupy Enschede houdt een Fair Share – er is genoeg voor iedereen- “markt” op 24 december as.
Omdat we vinden dat er meer dan genoeg is voor iedereen, geven we die dag -kostenloos- kadootjes/spulletjes weg.
Mensen die ook mee willen doen kunnen die dag hun spulletjes/kadootjes bij ons brengen.
Wij zijn die dag op het kruispunt de Graaf, van 12.00 u. tot 17.00 u. en we heten iedereen welkom!

reactie op het artikel “Dagen Occupy lijken geteld”

Overwintering Occupy Enschede

Het artikel van vrijdag 9 december jongstleden stelt dat de Occupy-beweging afneemt. Mijn ervaring is anders.

15 Oktober presenteerde de Occupy-beweging zich wereldwijd. In Nederland werden veertig groepen zelfstandig actief – ook in Enschede – met tentenkampen of bescheidener manifestaties in deeltijd. Occupy Enschede koos voor realisme. De winter wordt overbrugd met ludieke acties.

Amsterdam maakte het tentenkamp op het Beursplein kleiner. Om toeloop van onduidelijk volk, en daarmee overlast te stoppen, niet om Occupy te verbieden. Burgemeester Van der Laan bood ruimte aan op de prestieuze Zuid-As. Daarop is niet ingegaan vanwege zichtbaarheid. De aangehouden Occupyers waren al snel weer vrij.

Maatschappelijke betrokkenheid heeft plaats gemaakt voor individuele consumptie-vrijheid. Dat is ook in Enschede merkbaar, waar vrijwilligers ontbreken in het verenigingsleven. Van teruglopende sympathie bij de bevolking merkt Occupy Enschede niets. Natuurlijk, het nieuwtje is eraf en mensen zijn druk met de feestdagen. Maar veel veertigplussers en ouderen betuigen op zaterdag hun steun aan de kleine groep die, zichtbaar opgesteld in het centrum, folders uitdeelt (die niet meteen op de grond belanden) en gesprekken aangaat met voorbijgangers. Het zijn goedgeklede, van zichzelf vervulde jongeren, die laatdunkend reageren.

Door het open karakter van Occupy kunnen veel mensen op hun eigen manier bijdragen. Voor de buitenwereld niet altijd zichtbaar, is het een wezenlijk onderdeel van de bewustwording. Occupy is meer dan een rommelig tentenkamp.

Dat autoriteiten in het buitenland er genoeg van krijgen – zoals het artikel opwerpt – is begrijpelijk: Occupy stelt nadrukkelijke vragen: Bijvoorbeeld waarom bij zoveel leegstand op Twentse industrieterreinen ook de Usseler Es moet worden volgebouwd?

Namens Occupy Enschede: Marcel Meijer

Geëngageerd Optimisme

Door Marcel

In het Britse dorpje Totnes mag sinds kort iedereen overal gewassen verbouwen: Langs straten, fietspaden, bij het gemeentehuis, in het park. “Er is maar één regel”, zegt initiatiefnemer Rob Hopkins: “Iedereen mag oogsten wat hij wil”.

Het is een van de vele initiatieven van Hopkins in de afgelopen vijf jaar, grondlegger van een beweging die snel navolging vindt. Er hebben zich wereldwijd al 900 dorpen en steden bij aangesloten. De beweging heet TRANSITION TOWNS – dorpen in verandering.

Hopkins wil dat lokale gemeenschappen weer greep krijgen op hun eigen voedselproductie en energieverbruik. “Er heerst een gevaarlijk gevoel van machteloosheid. De ene crisis, na de andere rolt over ons heen; de klimaatcrisis, de economische crisis… De machtsverhoudingen in de wereld verschuiven. De olie wordt almaar schaarser en duurder. En we hebben niet het gevoel dat we er ook maar iets aan kunnen doen. Dan is er ook nog het extreem liberale marktdenken. Dat heeft ons grote welvaart gebracht, maar het maakt ons niet gelukkiger, wel eenzamer. We kennen de mensen in onze straat niet meer”.

Hopkins is zojuist aangekomen op het station van Deventer, voor een toespraak op een conferentie over steden in omwenteling. Maar eerst bezoekt hij een moestuin; aan een tafel zitten Marokkaanse, Turkse en Nederlandse vrouwen druk te praten. Hun kinderen spelen samen op het grasveld ernaast. “Fanstastisch! Dit zijn mensen die elkaar waarschijnlijk nooit zouden hebben aangesproken. Maar via een moestuin komen ze in contact met elkaar. Toen we begonnen met Transition Towns zagen we het als een milieuproject: Weg van de olie, weg van landbouw met monoculturen en bestrijdingsmiddelen. Maar ik ben mij gaan realiseren dat het veel groter is. Het raakt de kern van ons mens-zijn. Het is eerder een sociaal-culturele beweging, een antwoord op het individualisme”.

“in Totnes zijn we met een initiatief begonnen; straten in verandering. Mensen uit dezelde straat komen bijelkaar en proberen samen iets op te zetten – wat ze maar willen. Ze plaatsen zonnepanelen of verbouwen voedsel. Aan het eind van elke bijeenkomst spreken ze drie dingen af om te doen, voordat ze elkaar opnieuw ontmoeten. Totnes telt 8.500 inwoners en ik denk dat zo’n tien procent inmiddels meedoet. Ze hebben hun CO-2 uitstoot teruggebracht en besparen elk jaar 700 pond sterling. Maar daar hoor je ze niet over. Ze zeggen: “Nu weet ik wie Dave is verderop in de straat, en Sandra van huisnummer17”.

Het klinkt ongecoördineerd, maar het loopt niet uit op chaos. “We hebben geprobeerd iets te ontwerpen dat zeer aanstekelijk is. Mensen moeten dat doen waar hun passie naar uitgaat, zo hebben we de beweging opgezet. We noemen dat geëngageerd optimisme. Als je hartstocht uitgaat “naar voedsel, moet je je niet aansluiten bij de groep die huizen isoleert”.

“Verder is de beweging Open Source. Mensen wordt nadrukkelijk gevraagd hun ervaringen te delen. Wij weten namelijk ook niet hoe je de verandering het beste kunt bereiken. Alle informatie die we ontvangen, probeer ik te coördineren via onze website. De boodschap is: JE KUNT ZELF IETS DOEN. Je kunt een deel van de contrôle zelf in handen nemen. Als je het alleen doet is het te weinig En als we wachten op de overheid is het te weinig en te laat. Maar als je het samen doet met de mensen om je heen, is het misschien wèl genoeg.”

“Het verschilt per deelnemende gemeente, maar je ziet dat het meestal begint met voedsel. Dat is het makkelijkst. Als je een spade en wat plantjes hebt kun je meteen beginnen. Er zijn geen vergunningen voor nodig (sic) Als je aan de rand van Deventer een windturbine wilt bouwen ben je al gauw vijf jaar verder”.

“De ervaring is, dat er geen misbruik wordt gemaakt van dit initiatief om voedsel te verbouwen. Ik had verwacht dat mensen misschien ’s nachts gewassen zouden vertrappen. Maar dat gebeurt niet. Het werkt op basis van vertrouwen. Iedereen mag oogsten wat ‘ie wil, maar wel met respect. Het werkt erg aanstekelijk!”.

“Zelf heb ik ook een tuin, op een heuvel. Ik heb er terrasbedden op aangebracht, daarin verbouw ik snijbiet, aardappelen en spinazie. Ik heb een kas waarin ik tomaten kweek. We zijn niet zelfvoorzienend, maar dat is ook niet de opzet. We willen geen hoge muur om Totnes en voortaan onze eigen lepels, potten en fietsen maken. Dat is niet reëel. We vinden het gewoon heerlijk als we een paar maanden in het jaar groenten en fruit uit eigen tuin kunnen eten”.

“In Totnes zijn nogal wat ouderen met een tuin waar ze niks mee doen omdat ze niet meer kunnen, of te druk zijn met ander dingen. We proberen ze te koppelen aan jongere mensen die geen tuin hebben en wel voedsel willen verbouwen. Ze betalen wat pacht en geven wat van de opbrengst aan de ouderen. Ook zo brengen we mensen die elkaar niet kennen in contact met elkaar”.

“Het uiteindelijke doel is om de mensen contrôle terug te geven. Dat valt niet mee. We zijn met z’n allen verslaafd aan het kapitalistische systeem. Dat geeft ons voortdurend het gevoel van gebrek, dat we niet genoeg hebben. En dan helpt enkel spullen kopen. Je leest in de krant dat de aardolie opraakt, en ernaast staat een advertentie om voor vijf pond sterling naar Alicante te vliegen”.

“De oveheden willen niet erkennen dat we grote problemen hebben. Ze zijn niet in staat om zich een wereld voor te stellen ná goedkope fossile energie. Transition Towns laat die wereld zien. Met eigen voedsel, een lokale munt, met huizen van hout, leem, vlas en stro uit de buurt. Het levert werk en weerhoudt mensen ervan om weg te trekken. In Totnes hebben we er een bedrijfje bij gekregen dat zonnepanelen plaatst. Er werken inmiddels 20 mensen. Er komen bouwbedrijfjes”.

Interview – in transscriptie overgenomen uit NRC Handelslad d.d.26/27 November 2011 – met Rob Hopkins, initiatiefnemer van Transition Towns. (geredigeerd door Marcel)

Het Marktgeloof; Marcel Möring in NRC Handelsblad van 5/6-11-2011

Het Marktgeloof

Marcel Möring in NRC Handelsblad van 5/6-11-2011

Honingdronken van het geloof in de natuurwet van de markteconomie waren we toen we de nutsbedrijven, die leverantie tegen kostprijs garandeerden van het noodzakelijke, offerden op het altaar van de vrije markt met de belofte dat concurrentie en het spel der vrije economische krachten voor lagere prijzen en betere producten zou zorgen. Nu hebben we geen ziekenfonds meer maar een steeds duurdere ziektekostenverzekering. De vrije energiemarkt schrijft onleesbare jaarrekeningen die niet lager werden. En de spoorwegen… Ach…

Tot halverwege de negentiende eeuw controleerde en garandeerde de overheid zelfs prijs en kwaliteit van het brood. De zorg voor de burger was een bestaansreden van de overheid die van, voor en door ons was. Dit idee is geheel uit de tijd geraakt. Voedsel is een eerste levensbehoefte die de overheid ook overlaat aan de markt. Dat is waar, wanneer je vergeet dat deze productie is moet voldoen aan strenge overheidscontrole, bestuurt wordt door een machtig ministerie en op hogen niveau door Europa, dat vorig jaar 1.020 miljoen landbouwsubsidie aan Nederland uitkeerde: Vrije markt?

Niet alleen de Occupy-beweging zet vraagtekens bij de vrije markt. De Eerste Kamer, gesteund door PvdA, VVD, D66, PvdD. SP, GroenLinks, SGP en CU hebben een parlementaire onderzoekscommissie privatisering/verzelfstandiging van de overheidsdiensten ingesteld. De uitkomst daarvan staat al vast: De privatisering had beter gekund, maar ‘het systeem’ deugt.

Het geloof in het kapitalistische systeem als een economische ecologie die zelf evenwicht zoekt heeft ons tot hier gebracht: Overgeleverd aan een markt die er vooral voor zichzelf is, en als het fout gaat de hand ophoudt. Een geloof, zó wanhopig hardnekkig dat we spreken over een Griekse crisis, eurocrisis, economische crisis, maar ons niet afvragen of het systeem wel deugd.

Het begon in de jaren ’80, toen we afscheid namen van de idealen van de solidariteitssamenleving, de verzorgingsstaat en het nutsbedrijf. Zoals altijd gaven de Kunsten toen al aan dat daar op z’n minst iets over te zeggen viel. En zoals altijd luisterde niemand. Want zoals premier Rutte onlangs zei; “Kunstenaars staan met hun rug naar de maatschappij en met de knip naar de overheid.” Hoe anders het bedrijfsleven…
Een citaat uit Oliver Stone’s film Wall Street(1986): “The point is, ladies and gentlemen, that ‘greed’ (hebzucht) – for lack of a better word – is good. Greed is right. Greed works. Greed clarifies, cuts through, and captures the essence of the evolutionary spirit.” Zie ook het boek Bonfire of vanities van Tom Wolfe (1987), waar handelaar in aandelen Sherman McCoy zichzelf en de zijnen ‘Masters of the Universe’ noemde.

De jaren ’70 kenmerkten zich door een slappe economie, breed gevoelde afkeer van ongebreideld kapitalisme en diep wantrouwen jegens het heil van de marktwerking. Troubadour en protestzanger Boudewijn de Groot verwoordde het alsvolgt in zijn hit Jimmy: “Als-ie maar geen voetballer wordt, ze schoppen hem misschien halfdood. Maar liever dat nog dan het bord voor zijn kop van de zakenman, want daar wordt ‘ie alleen maar slechter van.”

In 1979 trad Margareth Thatcher aan als premier van Groot-Brittannië. Een jaar later beleefde Nederland een stromachtige kroning, een signaal van sociale onrust en onvrede. Het jaar daarop werd Ronald Reagan president van de Verenigde Staten. Na drie kabinetten-Van Acht trad Lubbers I aan, dat een Hollandse vorm van Thatcheriaanse economische shockpolitiek doorvoerde en ‘de BV Nederland’ introduceerde. Van nu af aan moesten we meer zelf dragen. Volgens het CDA kon dat als het gezin de hoeksteen van de samenleving bleef – toen al een anachronisme, en een ontkenning van het solidariteitsbeginsel waar deze partij een patent op had. Intussen werd de massa-immigratie gestimuleerd om de industrie draaiende te houden.

We leven in een wereld zoals die de afgelopen dertig jaar is gevormd door de ‘Masters of Universe’, De banken happen naar adem, de euro wankelt, de wereldeconomie strompelt en wie zegt dat dit wel eens kon komen door wat er in dertig jaar is veranderd wordt afgedaan als een idioot. Alsof het marktgeloof van het Westen bij het volle verstand is.

Zou het niet zo zijn dat ‘het systeem’ helemaal niet zo goed werkt en dat een moedige blik op de statistieken aantoont dat ‘de markt’ op eenzelfde manier een geloof is als dat in een alles bestierend opperwezen? Voor wie in God gelooft zijn rampen, tegenspoed, de slechtheid van vele mensen geen negatief godsbewijs, terwijl mooie zonsondergangen, voorspoed en goede gezondheid tekenen zijn dat Hij wel bestaat. Als het fout gaat ligt het niet aan het kapitalistische systeem, als het goed gaat is het een bewijs dat het werkt.

Onze toekomst is verkocht voor snelle winst. Banken en pensioenfondsen hebben risico’s genomen die ons diep raken en nog harder zullen treffen. Nu mogen we daarvoor betalen, maar we mogen niet meebeslissen. Of de bank investeert in wapens, doorverhandelde in giftige bonds of dubieuze staatsleningen, wij kunnen enkel ons geld stallen en meer niet.

Het systeem dat overheidsbemoeienis terugdrong omdat de markt het zelf wel af kon, stort in. De honderden miljarden vliegen ons om de oren. Wie denkt dat het om de Grieken gaat laat zich misleiden; dat geld gaat naar onze banken. En als dat nog niet genoeg is kunnen deze banken rekenen op Europese garanties. Het is tijd om te veranderen.

(transscriptie – met dank aan de auteur en het dagblad)